Arm­bloemig en rijk­bloemig arm­bloemig look

op .

Delen

Iedereen kent uien, prei, knoflook en bies­look. Maar er bestaan nog zeker 10 andere soorten wilde uien of look. In De Heiman­shof staan er zeker 8: daslook, berglook, kraailook, moes­look, driekantig look, slan­gen­look en arm­bloemig look. Op dit moment staat arm­bloemig look in volle bloei. Alle uien soorten hebben een sterke geur, die vaak prikke­lend op de ogen om dat met traan­vocht zwavelzuur wordt gevormd. Alle uien vor­men ook bol­let­jes, die bij de ene soort groter zijn dande andere. Arm­bloemig look maakt net als kraailook kleine bol­let­jes. De meeste uien groeien (door) in de win­ter. Ze bevat­ten een hoog suik­erge­halte waar­door ze niet bevriezen. Een ideaal win­ter gewas voor de groen­te­tuin.

Bij­zon­der
Zoals alle soorten heeft arm­bloemig look bij­zon­dere eigen­schap­pen ontwikkeld om te kun­nen bestaan. Hij staat als zeer zeldzaam in de boeken, maar dat zou je niet zeggen als je het in de tuin hebt. In De Heiman­shof hebben we al 15 krui­wa­gens weg gewied dit voor­jaar. Het vormt dichte plakkaten met een soort geheim wapen. Er bestaan nl 2 vor­men. De oor­spronke­lijke (?)vorm noem ik maar rijk­bloemig arm­bloemig look. Deze vorm (top)heeft 810 bloemet­jes en is een sier­aad voor de tuin en nauwelijks invasief. Maar (mogelijk door een mutatie) zit daar af en toe een vorm tussen die ik maar arm­bloemig arm­bloemig look noem(onder). Die heeft maar 1 of 2 bloemet­jes en ter com­pen­satie van de mis­sende bloemetje vormt deze ui in de bloem geen zaden, maar zoge­naamde bloed­bol­let­jes. Dat kun­nen er 1020 per bloem­steel zijn. Deze bol­let­jes zaaien zich sterk uit en vor­men dichte plakkaten. Mooi om te zien en lekker om te eten maar nogal dom­i­nant. Deze broed­bol­let­jes zijn trouwens goed te oog­sten en te ver­w­erken tot een soort kap­pert­jes (smaakver­sterker in sausen en salades).

Waar
Arm­bloemig look is een bosplant die groeit in de schaduw en op voed­sel­rijke grond. Oor­spronke­lijk komt deze soort uit de Kauka­sus en heeft zich als stin­sen­plant in de kust­streek weten te vestigen.

Opvra­gen Oud­ere Columns

Hieron­der kun­nen alle tot dusver ver­sch­enen columns opgevraagd wor­den.
U kunt deze selecteren en sorteren op cat­e­gorie, onder­w­erp, het jaar en de tijd van het jaar. Com­bi­naties zijn ook mogelijk.


SELEC­TIEMENU; selecteer op:

cat­e­gorie

en/​of
titel zoek­term

Zoek op titel, vul (een
gedeelte ervan) in:

en/​of
maand

en/​of
jaar


SORTEREN: klik op de kop­jes in de titel­balk om de sor­ter­ing te veranderen

Blz [ 1 ] Ga naar 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 …» volgende

thumb

cat­e­gorie: titel: datum: maand:

open/​dicht

 mollenellendekleine dierenMol­lenel­lende6 aug 2018augus­tus

Deze col­umn (sinds juni 2006) heet Ont­dek de Flora en Fauna van de Haar­lem­mer­meer. De reden is, dat er over het alge­meen gedacht wordt dat de Haar­lem­mer­meer een zeer arme polder is in bio­di­ver­siteit (en dat er daarom ook makke­lijk nieuw beton en asfalt wordt aan­gelegd). De afgelopen 12 jaar heeft al wel geleerd dat er een ongelofe­lijke ver­schei­den­heid aan soorten in onze polder voorkomen en mijn inschat­ting is dat ik voor het behan­de­len van alle ca 10.000 soorten een jaar of 400 nodig zal hebben. Zo nu en dan gaat het niet alleen over nieuwe soorten maar gebeurt er iets bij­zon­ders. Zo zit­ten we nu mid­den in de groot­ste droogte– en hit­te­golf sinds er weergegevens wor­den bijge­houden. En die droogte heeft ook effecten in de natuur op soorten. Zo vind ik aan de lopende band dode mollen en dat is opmerke­lijk.

Bij­zon­der
De eerste 3 mollen heb ik in de com­posthopen ver­w­erkt, maar bij nr 48 begon er enige ongerus­theid op te spe­len. Op mol 4 heb ik daarom een gecom­bi­neerde anatomis­che les en sec­tie uit­gevo­erd (foto) en wat bleek: de arme mol was heel mager, geen vet en geen inhoud in het spi­jsver­t­er­ingssys­teem. Dat mollen van de honger ster­ven, kan samen­hangen met de droogte omdat hun voor­naam­ste voed­sel: regen­wor­men steeds dieper in de aarde wegkruipt en de Haar­lem­mer­meerse klei bij droogte hard wordt als beton. Een mol moet dus steeds harder werken om steeds min­der voed­sel buit te maken. Als hij een ons wor­men ver­brandt om 50 gram te van­gen, sterft hij na 46 weken van honger en uit­putting. Graag hoor ik van lez­ers of er op andere plaat­sen ook extra mol­len­sterfte gecon­sta­teerd wordt.

Waar
Mollen zijn zeer algemene bewon­ers van onze polder. Ze graven gan­gen waarin ze via hun neus wor­men en ander bodem­leven opsporen. Ze leven 4 uur op en 4 uur slapen, jaar­rond. Meestal zijn de Ned­er­landse con­di­ties ideaal om wor­men te kun­nen zoeken in bijna altijd vochtige humus­rijke grond. Dit jaar zou wel eens een mol­len­ramp jaar in een groot deel van Europa kun­nen worden.

 buxusproblemen_thumbsplantenBuxu­s­prob­le­men?22 jul 2018juli

Dit jaar heb ik bij het lopen voor col­lectes wel 1000 huizen, dus ook voor­tu­inen bezocht. In wel 400 van die tuinen ston­den buxu­sstru­ik­jes. Het­zij soli­tair of in al-​of-​niet tuin dominerende heggen. En van die 400 buxu­scre­aties waren er nog ongeveer 5 intact groen. Bij navraag bleek dat meestal te gaan om mensen die de bui van de buxu­s­mot had­den zien aankomen en met (veel) gif gestrooid had­den. De buxu­s­mot invasie die nu zo’n 2 jaar aan de gang is heeft dus aardig om zich heen gegrepen. Ik durf mijn steekproef nauwelijks om te reke­nen naar de impact in de hele Haar­lem­mer­meer, laat staan heel Ned­er­land.

Bij­zon­der
In De Heiman­shof hebben we ook buxu­sstru­iken, vooral als hegget­jes in de klooster-​/​kruidentuin. Ook daar kwam vorig jaar de buxu­s­mot in en ik had me als beheerder al ver­zoend met de gedachte dat het ook bij ons afgelopen zou zijn dit jaar. Maar wie schetst mijn ver­baz­ing dat week na week ver­streek en dat ondanks het ide­ale (warme en droge) buxu­s­motweer de hegget­jes geen schade kre­gen en de aange­taste stukken zich zelfs her­stelden. (foto). Dat vraagt natu­urlijk om een verk­lar­ing. Het enige wat ik kan bedenken is dat in het nor­male stedelijke milieu de bio­di­ver­siteit redelijk tot zeer beperkt is, zeker waar de meeste tuinen bestraat zijn (ook niet erg goed voor het opvan­gen van de te verwachten hoos­buien en hittestress van de kli­maatveran­der­ing die er in hoog tempo aan zit te komen). Maar in De Heiman­shof hebben we een max­i­male bio­di­ver­siteit, zowel veel vogels (in aan­tal en soorten) en enorm veel insecten: zowel insecten die planten eten, maar ook heel veel soorten die andere insecten lus­ten. Daarom denk ik dat in een milieu met veel bio­di­ver­siteit zoals in De Heiman­shof het prob­leem zich zelf oplost of niet de vorm van de cat­a­strofe aan­neemt zoals in de rest van het stedelijk gebied.

Waar?
Graag hoor ik van andere plekken waar het buxus prob­leem niet optreedt. Wie weet komt daar een struc­turele oploss­ing uit. Maar meer gevarieerd ecol­o­gisch groen overal, lijkt me sowieso een aanrader.

 koolrupssluipwespcombi_thumbinsectenKool­rupss­luip­wesp: Apan­te­les glomerata9 jul 2018juli

Een van de wet­ten van de natuur dicteert dat er overal even­wichtssys­te­men zijn. Een opval­lend mech­a­nisme daar­bij is het even­wicht tussen prooi­dieren en jagers. Overal in de natuur houden die elkaar in een eeuwige strijd om te over­leven in even­wicht: leeuwen eten zebra’s en gnoes, vossen eten muizen, roofvo­gels eten zangvo­gelt­jes etc. Die wet gaat ook in de insecten­wereld en een voor­name speler daar­bij is de sluip­wesp. Er zijn in Ned­er­land zo’n 48.000 soorten planten en dieren beschreven (excl bac­ter­iën). De helft daar­van zijn insecten. En de helft daar­van, zo’n 12000 soorten bestaat uit wespen en dan meestal sluip­we­spen. Voor zo’n beetje elke soort insect bestaat er dus een gespe­cialiseerde soort sluip­wesp. De angst voor wespen bij veel mensen is dus niet zo erg gegrond, want van sluip­we­spen hebben we alleen maar plezier. Als die er niet waren dan was de hele wereld zwart van de vliegen, muggen, blad­luizen en wat niet al. De meest sluip­we­spen zijn erg klein .Je ziet ze niet of nauwelijks.

Bij­zon­der
Maar er is een soort die heel goed zicht­baar te maken is, mid­dels een exper­i­ment, dat het best uit te voeren is als er een groen­te­tuin met kool­planten beschik­baar is. Op die kool­planten komen namelijk die kool­wit­jes af. En die heten niet voor niet KOOL­witje. Ze leggen namelijk eieren op kool­planten waaruit zeer nij­vere rupsen komen, die een kool­plant in een paar dagen tijd tot de nerf kaal kun­nen vreten. Doo­d­spuiten advis­eren we nooit. Dat mid­del is erger dan de kwaal. Vooral met kinderen is het leuk en leerzaam om deze rupsen te zoeken en ze in en bak, met daarover vit­rage, te doen. Ik heb dat wel eens gedaan met 500 rupsen. Natu­urlijk moeten deze rupsen dan met kool­bladeren gevo­erd wor­den, maar die inspan­ning is wel de moeite waard: na een dag op wat gaan de rupsen ver­pop­pen (foto onder). De sluip­we­spen zelf (3 mm) komen uit op de inzet (foto boven).Hoeveel van de 500 rupsen zou een kool­witje wor­den? En hoeveel ‘veran­deren’ er in sluip­we­sp­jes?

Waar
De soort komt bijna overal voor in de wereld behalve in Antarc­tica en de Amerika’s

 geitenruit_thumbplantenGeit­en­ruit27 jun 2018juni

Soms weet je niet waar een bij­zon­dere plant opeens van­daan komt. Nota bene voor De Heiman­shof in het gazon aan de Wieger Bruin­laan bloeit dit jaar een vrij grote vlin­derbloemige met lila bloe­men. Hij is wel 1.5 m hoog en zit vol met paarse bloe­men (foto). Ook wij als plantenken­ners moesten 2 planten­de­ter­mi­natie app’s gebruiken om achter de naam te komen. De Ned­er­landse naam is geit­en­ruit. Die naam stamt uit de tijd toen men dacht dat het een fam­i­lie van de ruit­fam­i­lie (zoals kleine ruit en poel­ruit) was.

Bij­zon­der
Geit­en­ruit heeft veel gebruiksmo­gelijkhe­den. De plant bloeit erg lang en is een rijke bron van nec­tar en stuik­meel voor insecten. Hij werd veel geteeld voor bodemver­be­ter­ing en als voed­sel voor vee. Ook heeft hij vele med­i­c­i­nale gebruiksmo­gelijkhe­den. Het gebruik als veevoer viel niet goed bij alle soort vee. Mogelijk heet het daarom geit­en­ruit, omdat die het wel kon­den eten zon­der bijw­erkin­gen. De meest gebruikte toepass­ing is de bloed­suik­er­spiegel ver­la­gende werk­ing bij dia­betes­patiën­ten. Dankzij onder­zoek aan deze plant is het meest gebruikte dia­betesmedicijn ont­dekt. Daar­naast ver­min­dert het de eetlust wat bij veel zware dia­betes type 2 patiën­ten ook een pre is. De Lati­jnse naam slaat op het effect op melkpro­duc­tie bij zogende vrouwen. Galega staat nl voor ‘melk voort­bren­gen’ omdat het melkklieren stim­uleert. Maar er zijn nog meer werkin­gen: het is ook een diureticum, dwz de nieren wor­den ges­tim­uleerd om meer urine te pro­duc­eren en ook de zweet­pro­duc­tie wordt ver­hoogd en als zodanig helpt het bij griep, bloed­stolsels wor­den tegen gegaan en het heeft een antibac­ter­iële werk­ing waar­door won­den sneller genezen. Het is dus een behoor­lijk inter­es­sante plant die meer aan­dacht en plek ver­di­ent.

Waar
Oor­spronke­lijk komt Galega uit Rus­land, maar is al lang in heel Europa inge­burg­erd. Het is een zon min­nende plant die zoals veel vlin­derbloemi­gen houdt van arme bodems: omdat ze zelf met bac­ter­iën stik­stof uit de lucht kun­nen vast leggen hebben ze een con­cur­ren­tie voordeel.

 rapunzelklokje_thumbplantenRapun­zelk­lokje14 jun 2018juni

Regel­matige lez­ers weten van de afgelopen 12 jaar, dat er overal bij­zon­dere planten en dieren te vin­den zijn. Deze week kwam ik weer eens een bij­zon­dere plant op een wel heel curieuze plek tegen: mid­den op het enorme ver­steende en geas­fal­teerde kruis­punt Hoofdweg/​Van Heuven Goed­hart­laan tegen over het poli­tiebu­reau (foto). Mid­den tussen de bestrat­ing onder het ver­keer­licht stond een heus Rapun­zelk­lokje. Die naam alleen al maakt natu­urlijk al nieuws­gierig. Alleen op De Heiman­shof weet ik nog 12 andere Rapun­zelk­lok­jes te staan in de Haar­lem­mer­meer. Verder komt de soort vooral voor in Lim­burg en langs de riv­ieren met kalk houdende zand­grond. Ook hier is dat het geval. Hoofd­dorp is namelijk gro­ten­deels gebouwd op een oude zand­bank uit de Wad­den­zee die hier ooit lag. Diezelfde arme zand­grond met kalk is ook de reden dat er zoveel orchideeën in en om Hoofd­dorp groeien.

Bij­zon­der
Het Rapun­zel klokje is een twee– of meer­jarige soort die tot 90 cm hoog wordt. In de Mid­deleeuwen was deze soort zo alge­meen dat de bladeren en wor­tels een geliefde groente in rauwkost en salades vor­mde. De smaak van de wor­tel lijkt op radijs, maar dan zoet en opval­lend zacht. Het blad is fijn en neu­traal van smaak. Het woord Rapun­zel’ komt van rapa pon­tica (Latijn voor ‘raap van de Zwarte Zee’). In het sprookje Rapun­zel kri­jgt de dochter de naam van de raap­jes die haar moeder zo graag at toen ze haar verwachtte. De med­i­c­i­nale werk­ing van de plant stoelt op het gehalte aan inu­line (multifructose),vitamine C en een anti­sep­tis­che werk­ing.

Waar
Het rapun­zelk­lokje groeit in ons land op voed­se­larme dijken en in bermen, op kalkhoudende grond in Lim­burg, langs de riv­ieren en aanslui­tende zand­gron­den en regel­matig ook op spoorter­reinen. De meeste van deze graslan­den zijn tegen­wo­ordig overbe­mest en daarmee is ook het rapun­zelk­lokje bijna uit­gestor­ven. Alle klok­jes­soorten zijn overi­gens wet­telijk beschermd, of ze nu ergens tal­rijk staan of niet. De soort komt alleen in Europa, West Azië en NW Afrika voor.

 gewonependelzweefvlieg_thumbinsectenGewone Pen­delzweefvlieg3 jun 2018juni

Insecten hebben het zwaar in onze stedelijke samen­lev­ing en zit­ten niet zit­ten in het ‘ver­dom’ hoekje van de vooro­orde­len. In 99.99% van de gevallen is dat onterecht en zijn ze alleen maar nut­tig en fascinerend. Prachtige voor­beelden daar­van naast vlin­ders, libellen en de soli­taire bijen en wespen, waar ik het al vaker over heb gehad, zijn de zweefvliegen. Van­daag vloog een mooie soort die veel in en om huizen voorkomt bij mij naar bin­nen: de gewone pen­delzweefvlieg (foto): Het is erg algemene en heel makke­lijk te herken­nen vrij grote soort van 1.5 cm groot, door de zware hor­i­zon­taal strepen op de rug van het borststuk. Om zich enigszins tegen vogels en andere belagers te bescher­men, hebben ze kleur­pa­tro­nen ontwikkeld die doen denken aan wespen en bijen. Alleen mis­sen ze de ken­merk­ende wespen­taille. Zweefvliegen heten zo omdat ze het ver­mo­gen hebben stil in de lucht te hangen. Daar­bij maken ze wel 150 vleugel­sla­gen per sec­onde.

Bij­zon­der
Er zijn zweefvlieg soorten waar­van de lar­ven blad­luizen eten (die lar­ven lijken op naak­t­slakken), er zijn soorten die afval eten op land, en heel veel soorten leven in onmo­gelijk smerig water waar ze let­ter­lijk rom­mel (detri­tus) en bac­ter­iën eten. Al deze lar­ven doen dus zeer nut­tig werk en de zowel jong als vol­wassen zijn ze nog onschuldig ook. Dus zweefvliegen ver­di­enen het om beschermd te wor­den en dat doen we het beste door hen met veel plekken met wilde bloe­men te voorzien. De larve van de Pen­delzweefvlieg is zo’n smerig water opruimer. Die lar­ven hebben een lange staart, waar­door ze adem kun­nen kri­j­gen in zuurstofloos water. De pen­delzweefvlieg heet ook in het latijn zo en zijn Naam Helophilus pen­du­lus betek­end let­ter­lijk dat het een zon­min­ner is die in de lucht schom­me­lend stil hangt.

Waar
Er zijn in Ned­er­land ruim 300 soorten zweefvliegen­soorten bek­end, die op alle mogelijk plekken en in alle biotopen voorkomen. Ze zijn vol­strekt onschuldig en leven als vol­wassen dieren alleen van nec­tar, vooral van schermbloemen.

 roomsekervel_thumbplantenRoomse Kervel14 mei 2018mei

In deze tijd van het jaar staan de bermen en bosran­den vol met fluitenkruid. Fluitenkruid is een soort van de schermbloe­men­fam­i­lie, die in Ned­er­land hon­der­den soorten kent. Bij voor­beeld ook de bij velen beruchte reuzen­beren­klauw hoort daar­bij. Naast de reuzen­beren­klauw is de Europese beren­klauw heel alge­meen, die nauwelijks prob­le­men geeft met blaar­vorm­ing. Maar de geel­bloeiende pasti­naak heeft ook var­iëteiten die dat wel doen. En wat dacht u van de gewone wor­tel, peterselie, selderij, kervel, dille, korian­der en ga zo maar door. Zon­der de schermbloem­fam­i­lie was ons leven lang zo leuk en lekker niet. Er is op dit moment een soort die bloeit, die de moeite waard is om beter bek­end te wor­den.

Bij­zon­der
Net als fluitenkruid bloeit de Roomse Kervel met witte scher­men. De bloei­wi­jze is iets rom­meliger dwz het scherm is min­der vlak) en iets romiger van kleur en niet spier­wit. En net als fluitenkruid wordt deze soort 11.5 m hoog ( foto). Een heel duidelijk ken­merk is dat de grote vare­nachtig geveerde bladeren licht­groene plek­jes hebben bij de nerf van het blad inzet). En het duidelijk­ste ken­merk is dat het blad bij kneuz­ing naar anijs ruikt. Er zijn restau­rants waar ik dit blad aan lever om er toet­jes of salades van te maken. Dat kan van feb­ru­ari tot sep­tem­ber. Niet alleen de bladeren zijn (alleen vers) te gebruiken, ook de zaden, de sten­gels en de wor­tels. En zoals de meeste schermbloemi­gen is de Roomse Kervel een sier­aad in een tuin die garant staat voor veel nec­tar en stu­ifmeel voor insecten: een bio­di­ver­siteit­saan­rader dus.

Waar
Oor­spronke­lijk komt de roomse kervel uit Zuid-​Europa ‚bv de Pyre­neeën, maar het werd al door de romeinen gebruikt en is waarschi­jn­lijk door hen meegenomen en is sinds­dien inge­burg­erd, net als wijn­gaard­slakken en koni­j­nen. De soort is een zeldzame vaste plant die graag op kalkrijke bodem staat in bosranden/​half schaduw. In de Haar­lem­mer­meer zijn ver­schil­lende groeiplekken, meestal op plaat­sen waar De Heiman­shof of MEER­groen actief zijn geweest.

 wolzwever_thumbinsectenGewone Wolzw­ever29 apr 2018april

Deze week kwam ik regel­matig een insect tegen die als een kolibri stil kon staan in de lucht. Hij was bruin met een soort bon­t­jasje net als hom­mels en hij had een zuigs­nuit, die bijna net zo lang was als de rest van z’n lichaam (foto). Het leek dus ver­dacht veel op een soli­taire bij. Soli­taire bijen bestaan naast sociale bijen zoals hom­mels en hon­ing­bi­jen, waar­bij er maar 1 koningin is die de eieren legt. Bij soli­taire bijen legt elk vrouwtje eieren. Vooral de soli­taire bijen hebben het moeil­ijk in onze samen­lev­ing bij gebrek aan een bloe­men­vari­atie, gebrek aan nest­gele­gen­heid en door het menselijk spuitge­drag. Tot mijn eigen ver­baz­ing leerde nader onder­zoek dat ook ik gefopt was door mim­icry. Mim­icry komt veel voor in de natuur. Zo doen onschuldige zweefvliegen zich bijna stan­daard voor als wespen of bijen in de hoop dat preda­toren zoals vogels zich niet aan hen dur­ven te wagen. Deze ‘bij’ bleek dat ook te doen en te horen bij de fam­i­lie van de wolzw­ev­ers.

Bij­zon­der
Wolzw­ev­ers zijn echter een soort vliegen. Wereld­wijd zijn er tot dusver 5500 soorten ont­dekt, waar­van er een 20-​tal in Ned­er­land voorkomen. Wolzw­ev­ers hebben wel iets met bijen. Net als de muur­rouwzw­ever die ik eerder behan­deld heb (en die van met­sel­bi­jen leeft) is de gewone wolzw­ever een jager op zand­bi­jen. Zand­bi­jen gebruiken geen hol­let­jes in hout, maar graven hol­let­jes in zand, waarin ze hun eieren leggen. De vol­wassen wolzw­ever leeft van nec­tar uit bloe­men waar de nec­tar heel diep zit zoals honds­draf en andere lip­bloemi­gen. Van­daar de lange snuit. De lar­ven van de wolzw­ever wor­den groot ten koste van die van de zand­bi­j­gas­theer. Moeder wolzw­ever dropt haar eit­jes in de nest­gan­gen van zand­bi­jen waar de larve zich tegoed doe aan voed­selvoor­raad die moeder zand­bij heeft aan­gelegd en ze eten ook de larve op.

Waar
De wolzw­ever is te vin­den in de buurt van zon­nige zand­hellin­gen, waar zand­bi­jen voorkomen. Z’n ver­sprei­d­ings­ge­bied is het warmere deel van Europa en Azië en Noord-​Afrika.

 Armbloemiglook_thumbplantenArm­bloemig en rijk­bloemig arm­bloemig look15 apr 2018april

Iedereen kent uien, prei, knoflook en bies­look. Maar er bestaan nog zeker 10 andere soorten wilde uien of look. In De Heiman­shof staan er zeker 8: daslook, berglook, kraailook, moes­look, driekantig look, slan­gen­look en arm­bloemig look. Op dit moment staat arm­bloemig look in volle bloei. Alle uien soorten hebben een sterke geur, die vaak prikke­lend op de ogen om dat met traan­vocht zwavelzuur wordt gevormd. Alle uien vor­men ook bol­let­jes, die bij de ene soort groter zijn dande andere. Arm­bloemig look maakt net als kraailook kleine bol­let­jes. De meeste uien groeien (door) in de win­ter. Ze bevat­ten een hoog suik­erge­halte waar­door ze niet bevriezen. Een ideaal win­ter gewas voor de groen­te­tuin.

Bij­zon­der
Zoals alle soorten heeft arm­bloemig look bij­zon­dere eigen­schap­pen ontwikkeld om te kun­nen bestaan. Hij staat als zeer zeldzaam in de boeken, maar dat zou je niet zeggen als je het in de tuin hebt. In De Heiman­shof hebben we al 15 krui­wa­gens weg gewied dit voor­jaar. Het vormt dichte plakkaten met een soort geheim wapen. Er bestaan nl 2 vor­men. De oor­spronke­lijke (?)vorm noem ik maar rijk­bloemig arm­bloemig look. Deze vorm (top)heeft 810 bloemet­jes en is een sier­aad voor de tuin en nauwelijks invasief. Maar (mogelijk door een mutatie) zit daar af en toe een vorm tussen die ik maar arm­bloemig arm­bloemig look noem(onder). Die heeft maar 1 of 2 bloemet­jes en ter com­pen­satie van de mis­sende bloemetje vormt deze ui in de bloem geen zaden, maar zoge­naamde bloed­bol­let­jes. Dat kun­nen er 1020 per bloem­steel zijn. Deze bol­let­jes zaaien zich sterk uit en vor­men dichte plakkaten. Mooi om te zien en lekker om te eten maar nogal dom­i­nant. Deze broed­bol­let­jes zijn trouwens goed te oog­sten en te ver­w­erken tot een soort kap­pert­jes (smaakver­sterker in sausen en salades).

Waar
Arm­bloemig look is een bosplant die groeit in de schaduw en op voed­sel­rijke grond. Oor­spronke­lijk komt deze soort uit de Kauka­sus en heeft zich als stin­sen­plant in de kust­streek weten te vestigen.

 pissebed-kelder_thumbandersPis­sebed31 mrt 2018maart

Met het voor­jaar in aankomst wor­den er weer hor­den planten en dieren actief. In de 12 jaar van deze columns hebben we er al meer dan 500 soorten behan­deld, maar er bli­jft nog voor jaren genoeg te ont­dekken en te ver­bazen over. Deze week een inkijkje in een vaak onderge­waardeerde groep dieren: de pis­sebed­den. In totaal zijn er tot dusver meer dan 35 soorten van ont­dekt en beschreven in Ned­er­land. De meest algemene soorten zijn de ruwe pis­sebed die egaal donker gek­leurd is, de grijs gek­leurde kelder­pis­sebed ( foto)en de opro­lpis­sebed, die zich bij onraad oprolt.

Bij­zon­der
Pis­sebed­den zijn kreef­tachti­gen en daarom van oor­sprong water­dieren. Er bestaan ook zoet­wa­ter­pis­sebed­den die tal­rijk zijn in sloten en vijvers. Net als kreeften ade­men pis­sebed­den via kieuwen. Die moeten altijd vochtig bli­jven. Het pantser van land­pis­sebed­den ziet er degelijker uit dan het is. Het is nl door­la­tend voor ammo­niak– en water waar­door ze con­tinu tran­spir­eren. De pis­sebed hoeft ondanks de naam nooit te plassen, omdat de stik­stofverbindin­gen (ammo­niak) ver­dampen. Miss­chien heeft de naam pis­sebed te maken met de geur van ammo­niak (urine) die soms te ruiken is. Een pis­sebed leeft van plan­taardig mate­ri­aal, zoals rot­tend hout en bladeren en heeft vele vijan­den, waaron­der insecten, spin­nen, amfi­bieën en vogels. Helder blauwe of paarse pis­sebed­den zijn geen andere soort, maar hebben een virus­in­fec­tie waar­door ze na 1 of 2 weken ster­ven.

Waar
Veel land­pis­sebed­den zijn cul­tu­ur­vol­gers die oor­spronke­lijk uit Europa komen, maar tegen­wo­ordig tot in Nieuw-​Zeeland te vin­den zijn. Land­pis­sebed­den leven in een micro­hab­i­tat, de omstandighe­den maakt ze weinig uit, als het maar vochtig is en er schuilplaat­sen en voed­sel zijn. Pis­sebed­den komen op aller­lei plekken voor, van bossen tot graslan­den en ook tuinen zijn geschikte leefge­bieden. Uit­dro­gen is het groot­ste gevaar voor pis­sebed­den. Ze komen dan ook altijd voor in vochtige ruimtes zoals kelders of onder schors, in de strooisel­laag of onder dood hout en ste­nen e.d.

 aalscholvercombi_thumbvogelsWin­ter­perike­len: Meerkoet en Aalscholver18 mrt 2018maart

Deze maand had­den we voor het eerst in 56 jaar echt win­ter­weer met tem­per­a­turen rond de –10. Door de sterke zonnes­tral­ing en de wind wilde het ijs niet echt betrouw­baar wor­den. Pas op de laat­ste dag toen het al weer dooide vond ik een plekje waar ik meer dan 200 m niet door wind wakken ges­tuit werd. Win­ter­weer heeft ook veel impact op het dieren leven. Zo was de ijsvo­gel van De Heiman­shof al op 12 feb­ru­ari met zijn vrouwtje present om te gaan neste­len. Maar na de vorstpe­ri­ode heb ik hem nog niet terug gezien. Ik vrees het erg­ste. Op weg naar m’n schaat­splek nam ik de uit­val­sweg naar de A4 door Park 2020: de weg die zo raar kro­nkelt, dat er elke week wel een auto uit de bocht vliegt…. Op die bewuste zondag had een groep meerkoeten zich verza­meld in een wind­wak naast die weg (foto onder)en graas­den op de oever. De auto’s voor mij reden zo belache­lijk hard met brul­lende motoren dat ze de vogels opjoe­gen, waar­door er maar liefst 8 tegelijk op de weg flad­der­den en dood/​aangereden wer­den. Een tri­est voor­beeld van hoever mens en natuur uit elkaar gegroeid zijn

Bij­zon­der
Bij het schaat­sen zelf liep ik nog zo’n voor­beeld tegen het lijf. Op het ijs lag een dode aalscholver. Bij nadere inspec­tie bleek hij vis­draad om z’n kop te hebben en niet alleen dat: aan de buitenkant zat een gemene snoekhaak in z’n hals zo vast dat we hem er niet eens uit kon­den kri­j­gen (foto boven) en ook had hij nog zo’n haak met 4 weer­haken vast in zijn keel. Wat een ver­schrikke­lijke manier om dood te gaan. Is vis’plezier’ zoi­ets waard?

Waar
Meerkoeten­z­ijn zeer algemene water vogels die van alles eten, zowel groen als dier­lijk. Bijna elke vijver en kanaal wordt wel door een paartje in bezit genomen. In de win­ter komen er veel vogels bij uit Cen­traal Europa. Ook de aalscholver is na een peri­ode van zware ver­vol­ging halver­wege de vorige eeuw weer met een opmars bezig. Ook in de Haar­lem­mer­meer kun­nen ze overal op lan­taarn­palen, in bomen en vis­send in het water waargenomen worden.

 winterbijenorchis_thumbplantenWin­ter­bi­jenorchis4 mrt 2018maart

Het is in deze col­umn niet gebruike­lijk om een soort 2x te behan­de­len, maar deze week gebeurde er zo iets bij­zon­ders dat ik me daar toch aan bezondig. Het gaat om de bijenorchis. Dat is wat mij betreft de mooiste wilde orchidee (inzet foto), die we in Ned­er­land en zelfs in Europa hebben. Deze soort bootst zo per­fect de vorm van een bij na en daar horen ook de lok­stof­fen bij ze gebruiken om elkaar te vin­den, dat man­nelijke bijen (dar­ren) uitgen­odigd wor­den om te paren met deze bloem. En dan kri­j­gen ze een hal­ter met miljoe­nen stu­ifmeelko­r­rels omge­hangen die ze in een keer bij een andere bloem weer afgeven.

Bij­zon­der
Een van de ander bij­zon­dere kwaliteiten van deze orchidee is dat hij als enige Ned­er­landse orchideeën­soort niet pas in mei of juni boven de grond komt vanuit de knol die ze alle­maal vor­men: deze soort over­win­tert als bladrozet. Dat kwam goed uit bij een nieuw project dat we afgelopen week begonnen: de aan­leg van een groente– en kruiden­tuin bij Restau­rant Den Burgh. Omdat we als natu­urliefheb­bers eerst de plek goed bekeken zagen we hon­der­den bladrozetten van de bijenorchis in het gazon. Die hebben we alle­maal uit­gesto­ken en ver­plant voor­dat een grote trac­tor de grond bouwrijp maakte ( op de foto 3 geredde exem­plaren). Daar kun­nen veel aan­nemers en hov­e­niers nog een pun­tje aan zuigen. Meestal wordt alle flora en fauna ‘over het hoofd gezien’.

Waar
De Haar­lem­mer­meer lijkt wel een kale polder, maar wat betreft orchideeën is het een unieke plek in Ned­er­land. In aan­tallen komen er bijna ner­gens zovele orchideeën voor. Wel niet de 6070 soorten zoals in Lim­burg: maar ‘onze’ 16 soorten staan vaak met tien­duizen­den bij elkaar. Dat komt door de schelpenkalk in de grond, de op som­mige plekken arme zand­grond van oude zand­banken in de Wad­den­zee die hier ooit lag (vooral rond Hoofd­dorp) en brak grond­wa­ter. De bijenorchis, die ooit in Beuken­horst vaste voet aan de grond kreeg heeft zich nu overal in de regio tot in Ams­ter­dam uitgezaaid.